Warmtenet Zuid-Limburg zet volgende stap met gebiedsgerichte aanpak

In de afgelopen periode werkten binnen Warmtenet Zuid-Limburg tien Zuid-Limburgse gemeenten, de Provincie Limburg, Enpuls Warmte Infra (Enexis Groep) en Nationale Deelneming Warmte samen aan de mogelijke ontwikkeling van warmtenetten in Zuid-Limburg. Het doel is om woningen en gebouwen in de toekomst betaalbaar, betrouwbaar en duurzaam te verwarmen zonder aardgas. Warmtenetten kunnen daarnaast helpen om het elektriciteitsnet te ontlasten.

Waardevolle inzichten uit Fase 3

In Fase 3 is onderzocht of een eerste warmtenet op beperkte schaal in Zuid Geleen haalbaar en betaalbaar is. Uit dat onderzoek blijkt dat vooral de bronnenstrategie en de businesscase nog extra aandacht vragen. Eén warmtebron, zoals de restwarmte van industriepark Chemelot, is niet voldoende. Daarom wordt gekeken naar een bredere combinatie van warmtebronnen, zoals restwarmte, warmte uit mijngangen en collectieve warmtepompen.

Vervolg in drie clusters

Voor het vervolg wordt Zuid-Limburg verdeeld in drie clusters:

  • Maastricht/Meerssen;
  • Parkstad: Beekdaelen, Brunssum, Heerlen, Kerkrade en Landgraaf;
  • Westelijke Mijnstreek: Beek, Sittard-Geleen en Stein.

Per cluster wordt onderzocht welke warmteoplossingen het beste aansluiten bij de kenmerken van het gebied.

Voor het onderzoeksgebied Zuid Geleen wordt daarnaast verder gewerkt aan de openstaande vragen rond warmtebronnen en de businesscase. Daarbij wordt onder meer gekeken naar een flexibel start- en groeiscenario. Dat betekent dat mogelijk klein kan worden begonnen, bijvoorbeeld met collectieve warmtepompen en tijdelijke voorzieningen, met later doorgroei naar grotere collectieve systemen en de inzet van restwarmte of warmte uit mijngangen.

Ontwikkeling gaat door, met aangepaste aanpak

De ontwikkeling van warmtenetten in Zuid-Limburg gaat verder. De samenwerkende partijen blijven zich inzetten voor een betaalbare, duurzame en toekomstbestendige warmtevoorziening in Zuid-Limburg. De komende periode wordt verder gewerkt aan de bronnenstrategie, businesscase en gebiedsgerichte uitwerking. Zodra meer duidelijk is over de vervolgstappen, worden gemeenten, inwoners, organisaties en andere betrokkenen hierover geïnformeerd.